Hadith for the World
Topic

Geloofsleer

135 hadiths

135 hadiths

Omar ibn al-Khattab (moge Allah tevreden zijn met hem ) zei: De profeet (vrede zij met hem), heeft gezegd: "Waarlijk, Allah, de Verhevene, verbiedt jullie om bij jullie vaders te zweren." Omar zei: "Bij Allah, ik heb er nooit bij gezworen sinds ik de boodschapper van Allah (vrede zij met hem), erover heb horen spreken, terwijl hij het verbiedt en het ontraden heeft."Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Van Abdoellah ibn Mas'oed (moge Allah tevreden zijn met hem heeft gezegd dat de boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: "De eerste zaak waarover op de Dag des Oordeels zal worden geoordeeld, is het vergieten van bloed".Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Van Aboe Moesa Al-Ash'ari (moge Allah tevreden zijn met hem ) zei dat de profeet (moge Allah's gebeden en vrede zij met hem zijn) zei: "Wie wapens tegen ons opneemt, behoort niet tot onze gemeenschap".Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
عن أبي واقد الحارث بن عوف رضي الله عنه أنَّ رسول الله صلى الله عليه وسلم بينما هو جالس في المسجد، والناس معه، إذ أقبل ثلاثَةُ نَفَرٍ، فأقبل اثنان إلى رسول الله، صلى الله عليه وسلم وذهب واحد، فوقفا على رسول الله صلى الله عليه وسلم ، فأما أحدهما فرأى فُرْجَةً في الْحَلْقَةِ فجلس فيها، وأما الآخر فجلس خلفهم، وأما الثالث فأدْبَر ذاهبٍا، فلما فرغ رسول الله صلى الله عليه وسلم قال: «ألا أُخْبِرُكُم عن النَّفَرِ الثلاثة: أما أحدهم فأَوَى إلى الله فآوَاهُ الله إليه، وأما الآخر فاسْتَحْيا فاسْتَحْيَا الله منه، وأما الآخر، فأعْرَضَ، فأعرضَ اللهُ عنه».متفق عليه
Omar, moge Allah tevreden zijn met hem, zei: Hij kwam naar de zwarte steen en kuste deze. Hij zei: "Ik weet dat jij een steen bent, die noch schade toebrengt, noch voordeel biedt. Als ik de Profeet (vrede zij met hem) niet had gezien die jou kuste, dan zou ik jou niet gekust hebben.Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
عن أنس بن مالك رضي الله عنه أنَّ رَجُلاً كَانَ عِند النَبِيَّ صلى الله عليه وسلم فَمَرَّ رَجُلٌ بِهِ، فقال: يا رسول الله، أنِّي لَأُحِبُّ هَذَا، فَقَال لَهُ النَبِيُّ صلى الله عليه وسلم : «أَأَعْلَمْتَهُ؟» قال: لا. قال: «أَعْلِمْهُ»، فَلَحِقَهُ، فقال: إِنِّي أُحِبُّك فِي الله، فقال: أّحَبَّك الَّذِي أَحْبَبْتَنِي لَهُ.رواه أبو داود والنسائي في الكبرى وأحمد
عن يزيد بن حيان قال: انطلقت أنا وحُصين بن سَبْرَة وعمرو بن مسلم إلى زيد بن أرقم رضي الله عنه فلما جلسنا إليه قال له حصين: لقد لقيتَ يا زيد خيرًا كثيرًا، رأيتَ رسول الله صلى الله عليه وسلم وسمعتَ حديثه، وغزوتَ معه، وصليتَ خلفه: لقد لقيت يا زيد خيرًا كثيرًا، حدثنا يا زيد ما سمعت من رسول الله صلى الله عليه وسلم قال: يا ابن أخي، والله لقد كَبِرَتْ سني، وقَدُمَ عهدي، ونسيتُ بعض الذي كنت أَعِي من رسول الله صلى الله عليه وسلم فما حدثتكم فاقبلوا، وما لا فلا تُكَلِّفُونِيهِ. ثم قال: قام رسول الله صلى الله عليه وسلم يومًا فينا خطيبًا بماء يُدعى خُمًّا بين مكة والمدينة، فحمد الله، وأثنى عليه، ووعظ وذكَّر، ثم قال: «أما بعد، ألا أيها الناس، فإنما أنا بشر يُوشِكُ أن يأتي رسول ربي فأُجِيبَ، وأنا تاركٌ فيكم ثَقَلَيْنِ: أولهما كتاب الله، فيه الهدى والنور، فخذوا بكتاب الله، واستمسكوا به»، فحَثَّ على كتاب الله، ورغَّبَ فيه، ثم قال: «وأهل بيتي أُذَكِّرُكُمُ اللهَ في أهل بيتي، أُذَكِّرُكُمُ اللهَ في أهل بيتي» فقال له حصين: ومن أهل بيته يا زيد، أليس نساؤه من أهل بيته؟ قال: نساؤه من أهل بيته، ولكن أهل بيته من حُرِمَ الصدقةَ بعده، قال: ومن هم؟ قال: هم آل علي، وآل عقيل، وآل جعفر، وآل عباس. قال: كل هؤلاء حُرِمَ الصدقةَ؟ قال: نعم. وفي رواية: «ألا وإني تاركٌ فيكم ثَقَلَيْنِ: أحدهما كتاب الله وهو حبل الله، من اتبعه كان على الهدى، ومن تركه كان على ضلالة».رواه مسلم
Annas (moge Allah tevreden zijn met hem ) zei: Een man vroeg de profeet (vrede zij met hem) naar het tijdstip van het Laatste Uur. De profeet antwoordde: "En wat heb je daarvoor voorbereid?" De man zei: "Niets, behalve dat ik van Allah en zijn boodschapper houd." De profeet (vrede zij met hem) zei toen: "Je zult zijn bij degenen van wie je houdt." Annas zei: "Wij zijn nooit zo blij geweest om iets als om de woorden van de profeet (vrede zij met hem): 'Je zult zijn bij degenen van wie je houdt.'" Annas vervolgde: "Ik houd van de profeet (vrede zij met hem), Aboe Bakr en Omar, en ik hoop dat ik met hen zal zijn vanwege mijn liefde voor hen, zelfs als mijn daden niet gelijk zijn aan die van hen.Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
عن مرداس الأسلمي رضي الله عنه قَالَ: قَالَ النَّبِيُّ -صَلَّى اللهُ عَلَيْهِ وَسَلَّمَ-: «يذهب الصالحون الأول فالأول، ويبقى حُثَالَةٌ كَحُثَالَةِ الشعير أو التمر لا يُبَالِيهُم الله بَالَةً».رواه البخاري
Overgeleverd door Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden zijn over hem) dat de profeet (vrede zij met hem) zei: "De profeet (vrede zij met hem) zei: "Een persoon volgt de religie van zijn goede vriend, dus laat eenieder van jullie zorgvuldig kiezen wie hij als vriend neemt."Overgeleverd door Aboe Dawoed, At-Tirmidhi en Ahmed
Van Aboe Hoerayra, moge Allah tevreden zijnover hem, zei; dat de profeet (vrede zij met hem) zei: "Haast je om goede daden te verrichten, want de verleidingen zijn als de duisternis van de nacht. Een persoon kan als gelovige ontwaken en als ongelovige eindigen, of als gelovige inslapen en als ongelovige ontwaken. Hij kan zijn geloof verkwanselen voor een kleinigheid van deze wereld."Overgeleverd door Moeslim
عن عائشة رضي الله عنها قالت: «ما غِرْتُ على أحد من نساء النبي صلى الله عليه وسلم ما غِرْتُ على خديجة رضي الله عنها ، وما رأيتها قط، ولكن كان يُكثر ذِكْرَها، وربما ذبح الشَّاةَ، ثم يُقطعها أَعْضَاءً، ثم يَبْعَثُهَا في صَدَائِقِ خديجة، فربما قلت له: كأن لم يكن في الدنيا إلا خديجة! فيقول: «إنها كانت وكانت وكان لي منها وَلَدٌ». وفي رواية: وإن كان لَيَذْبَحُ الشَّاءَ، فيُهدي في خَلَائِلِهَا منها ما يَسَعُهُنَّ. وفي رواية: كان إذا ذَبَحَ الشَّاةَ، يقول: «أرسلوا بها إلى أصدقاء خديجة». وفي رواية: قالت: اسْتَأْذَنَتْ هالة بنت خويلد أخت خديجة على رسول الله صلى الله عليه وسلم فعرف استئذان خديجة، فارْتَاحَ لذلك، فقال: «اللهم هالة بنت خويلد».الرواية الأولى: متفق عليها. الرواية الثانية: متفق عليها. الرواية الثالثة: متفق عليها. الرواية الرابعة: متفق عليها
Van Zainab bint Djahsh (moge Allah tevreden zijn met haar ), dat de profeet (vrede zij met hem) bij haar binnenkwam terwijl hij verontrust was, zeggend: "Er is geen god dan Allah! Wee de Arabieren vanwege een naderend kwaad. Vandaag zijn de barrières van Ya'juj en Ma'juj geopend zoals deze." Hij haakte met zijn duim en die daarna kwam. Zainab bint Djahsh zei: "O boodschapper van Allah, zullen wij worden vernietigd terwijl er onder ons rechtvaardigen zijn?" Hij zei: "Ja, als het kwaad overvloedig wordt."Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden zijn met hem) heeft gezegd: De profeet (vrede zij met hem) zei: "De beproeving blijft aanhouden voor de gelovige man en vrouw, in henzelf, hun kinderen en hun bezittingen, totdat zij Allah ontmoeten zonder dat er zonden overblijven."Overgeleverd door At-Tirmidhi en Ahmed
Ibn 'Abbas (moge Allah tevreden zijn met hen) rapporteerde: Hij zei tegen ‘Ata’ ibn Abi Rabaḥ: "Zal ik je een vrouw tonen die tot de bewoners van het Paradijs behoort?" Ik zei: "Zeker." Hij zei: "Die zwarte vrouw daar, zij kwam naar de Profeet (vrede zij met hem) en zei: ‘Ik lijd aan vallende ziekte en dan ontbloot ik me. Bid tot Allah voor mij.’" Hij zei: "Als je wilt, geduldig volharden en dan is het Paradijs jouw deel; en als je wilt, dan bid ik tot Allah dat Hij je genezing schenkt." Zij antwoordde: "Ik kies voor geduld," En zei daarna: "Maar ze voegde eraan toe: "Ik ontbloot me (ongewild), bid dan tot Allah dat ik me niet ontbloot." En hij bad voor haar."Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Overgeleverd door Oem Ad-Darda en Aboe Ad-Darda, moge Allah tevreden met hen zijn, dat de Profeet Mohammed (vrede zij met hem) placht te zeggen: "De smeekbede van een moslim voor zijn broeder, in diens afwezigheid, wordt verhoord. Boven diens hoofd is een aan hem toegewezen engel geplaatst; telkens wanneer hij voor zijn broeder een goedheid smeekt, zegt die engel die hem is toevertrouwd: ‘Aamien, en voor jou eveneens hetzelfde."Overgeleverd door Moeslim
Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden zijn met hem ) rapporteerde dat de boodschapper van Allah (vrede zij met hem ) zei: Bij Degene in wiens hand het leven van Mohammed is, zal niemand van deze gemeenschap, of hij nu een jood of een christen is, over mijn boodschap hoort en sterft zonder te geloven in datgene waarmee ik ben gezonden, behalve dat hij tot degenen behoort die het vuur bewonen.Overgeleverd door Moeslim
عن أبي هريرة رضي الله عنه مرفوعاً: «الإيمانُ بِضْعٌ وَسَبْعُونَ أو بِضْعٌ وسِتُّونَ شُعْبَةً: فَأَفْضَلُهَا قَوْلُ: لا إله إلا الله، وَأَدْنَاهَا إِمَاطَةُ الأَذَى عَنِ الطَّرِيقِ، وَالحَيَاءُ شُعْبَةٌ مِنَ الإِيمَانِ».متفق عليه
عن معاذ بن أنس رضي الله عنه مرفوعًا: «مَن كَظَمَ غَيظًا، وَهُو قادر على أن يُنفِذَه، دَعَاه الله سبحانه وتعالى على رؤوس الخَلاَئِق يوم القيامة حتَّى يُخَيِّره من الحُور العَين مَا شَاء».رواه أبو داود والترمذي وابن ماجه وأحمد
Aboe Hoerayrah (moge Allah tevreden met hem zijn) heeft overgeleverd dat de Profeet ﷺ (vrede zij met hem) heeft gezegd: "O Allah, maak mijn graf niet tot een afgod, Vervloekt zijn degenen die graven van hun profeten tot gebedsplaatsen maken."Overgeleverd door Ahmed
عن أنس بن مالك رضي الله عنه عن النبي صلى الله عليه وسلم أنه قال: "إن عِظَمَ الجزاءِ مع عِظَمِ البلاءِ، وإن الله تعالى إذا أحب قوما ابتلاهم، فمن رَضِيَ فله الرِضا، ومن سَخِطَ فله السُّخْطُ".رواه الترمذي وابن ماجه
Aboe Hoerayrah (moge Allah tevreden met hem zijn) heeft overgeleverd dat de Profeet ﷺ (vrede zij met hem) heeft gezegd: “Allah de Verhevene zegt: “ Ik ben zo Behoefteloos dat Ik geen deelgenoot nodig heb. Degene die een daad verricht omwille van een ander dan van Mij; Ik neem afstand van hem en van degene met wie hij Mij associeerde.”Overgeleverd door Moeslim
Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden zijn met hem) rapporteerde: De Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: "Voorwaar, Allah heeft een beschermend verlangen, en de gelovige koestert ook zulke gevoelens. Het beschermende verlangen van Allah is dat de gelovige zich niet begeeft naar wat Hij heeft verboden."Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Van Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden zijn met hem ) zei: De profeet (vrede zij met hem) zei: Voorwaar, de zwaarste gebeden voor de hypocrieten zijn het 'Isja-gebed en het Fajdr-gebed. Als ze wisten wat er in deze gebeden was, zouden ze ze zeker bijwonen, zelfs al moesten ze er kruipend naartoe gaan. Ik heb overwogen het gebed te laten beginnen, en dan een man op te dragen de mensen voor te gaan in het gebed. Vervolgens zou ik met mannen met bundels brandhout naar mensen gaan die het gebed niet bijwonen, om hun huizen van de achterblijvers met vuur te verbranden ( maar de profeet Vrede zij met hem).Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim