Hadith for the World
De jurisprudentie en zijn grondbeginsels

Jurisprudentie van handelingen

17 hadiths

17 hadiths

Omar (moge Allah tevreden zijn met hen beiden) zei: Over de profeet Mohammed (vrede zij met hem) is overgeleverd dat hij het afleggen van geloften verbood en zei: 'Het brengt geen goed, het wordt slechts van de gierigaard geëist.'"Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
عن ثابِت بْن الضَّحَاكِ رضي الله عنه أنه بايع رسول الله صلى الله عليه وسلم تحت الشجرة، وأن رسول الله صلى الله عليه وسلم قال: «من حلف على يمين بملة غير الإسلام، كاذبا مُتَعَمِّدًا فهو كما قال، ومن قتل نفسه بشيء عُذِّبَ به يوم القيامة، وليس على رجل نَذْرٌ فيما لا يملك» وَفِي رِوَايَة: «ولَعْنُ المؤمنِ كَقَتْلِهِ». وفي رواية: «من ادَّعَى دَعْوَى كَاذِبَةً لِيَتَكَثَّرَ بها لم يَزِدْهُ اللهُ -عزَّ وجل- إلا قِلَّةً».متفق عليه
عن أبي هريرة رضي الله عنه : أن رجلًا أتى النبي صلى الله عليه وسلم يَتَقَاضَاهُ فَأغْلَظَ له، فَهَمَّ به أصحابه، فقال رسول الله صلى الله عليه وسلم : «دَعُوه، فإن لِصَاحب الحَقِّ مَقَالا» ثم قال: «أعْطُوهُ سِنًّا مِثْل سِنِّهِ» قالوا: يا رسول الله، لا نَجِدُ إلا أمْثَلَ مِنْ سِنِّهِ، قال: «أعْطُوه، فإن خَيْرَكم أحْسَنُكُم قَضَاء».متفق عليه
عن أبي مسعود البدري رضي الله عنه قَال: قَالَ رَسُولُ اللَّه -صَلّى اللهُ عَلَيْهِ وسَلَّم-: «حُوسِب رجُل ممن كان قَبْلَكُمْ، فلم يُوجد له من الخَيْر شيء، إلا أنه كان يُخَالط الناس وكان مُوسِراً، وكان يأمُر غِلْمَانَه أن يَتَجَاوَزُوا عن المُعْسِر، قال الله عز وجل : نحن أحَقُّ بذلك منه؛ تَجَاوزُوا عنه».رواه مسلم
Overgeleverd van Azzubayr ibn al-Awwaam — moge Allah tevreden over hem zijn — dat de Profeet (vrede zij met hem) heeft gezegd: “Voorwaar, als iemand van jullie zijn touw zou nemen, daarmee een bundel brandhout op zijn rug bijeenbrengt, die vervolgens verkoopt en zich met de opbrengst ervan weet te onderhouden — waarmee Allah zijn gezicht behoedt voor vernedering — dan is dat voor hem beter dan dat hij de mensen om iets vraagt, of zij hem nu geven of weigeren.”Overgeleverd door Al-Boekhari
Aboe Qatada (moge Allah tevreden met hem zijn) wordt overgeleverd dat hij een schuldenaar zocht, die zich voor hem verborgen hield. Nadat hij hem had gevonden, zei de schuldenaar: "Ik verkeer in financiële moeilijkheden." Aboe Qatada vroeg: "Zweer bij Allah?" De schuldenaar zei: "Ik zweer bij Allah." Waarop Aboe Qatada zei: "Ik heb de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zeggen horen: "Wil je verlost worden van de zorgen op de Dag des Oordeels? Help dan iemand die het financieel moeilijk heeft of door zijn schuld kwijt te schelden."Overgeleverd door Moeslim
Ibn 'Umar (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De Boodschapper van Allah (moge Allah Zijn vrede en zegeningen op hem zijn) zei: "Jibrīl bleef sterk de nadruk leggen op de goede behandeling van de buurman, in die mate dat ik dacht dat hij de buurman als erfgenaam zou opnemen".Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
عن أبي قتادة رضي الله عنه : أنه سمع رسول الله صلى الله عليه وسلم يقول: «إيَّاكُمْ وكَثْرَةَ الحَلِفِ في البيع، فإنه يُنَفِّقُ ثم يَمْحَقُ».رواه مسلم
Van Aboe Hoerayrah (moge Allah tevreden zijn met hem ) heeft overgeleverd dat de profeet (vrede zij met hem) heeft gezegd: "Wanneer een persoon sterft, worden zijn daden afgesneden, behalve door drie zaken: door doorlopende liefdadigheid, door kennis waar anderen van profiteren, en door een rechtvaardig kind dat voor hem bidt."Overgeleverd door Moeslim
عَنْ عَائِشَةَ رَضِيَ اللَّهُ عَنْهَا عَنِ النَّبِيِّ صَلَّى اللهُ عَلَيْهِ وَسَلَّمَ قَالَ: «مَنْ نَذَرَ أَنْ يُطِيعَ اللَّهَ فَلْيُطِعْهُ، وَمَنْ نَذَرَ أَنْ يَعْصِيَهُ فَلاَ يَعْصِهِ».رواه البخاري
عَن حَكِيمِ بْنِ حِزَامٍ رَضِيَ اللَّهُ عَنْهُ قَالَ: قَالَ رَسُولُ اللَّهِ صَلَّى اللهُ عَلَيْهِ وَسَلَّمَ: «البَيِّعَانِ بِالخِيَارِ مَا لَمْ يَتَفَرَّقَا، -أَوْ قَالَ: حَتَّى يَتَفَرَّقَا-، فَإِنْ صَدَقَا وَبَيَّنَا بُورِكَ لَهُمَا فِي بَيْعِهِمَا، وَإِنْ كَتَمَا وَكَذَبَا مُحِقَتْ بَرَكَةُ بَيْعِهِمَا».متفق عليه
لَعَنَ رَسُولُ اللهِ صَلَّى اللهُ عَلَيْهِ وَسَلَّمَ آكِلَ الرِّبَا وَمُؤْكِلَهُ وَكَاتِبَهُ وَشَاهِدَيْهِ، وَقَالَ: «هُمْ سَوَاءٌ».رواه مسلم
أَنَّ رَسُولَ اللهِ صَلَّى اللهُ عَلَيْهِ وَسَلَّمَ مَرَّ عَلَى صُبْرَةِ طَعَامٍ فَأَدْخَلَ يَدَهُ فِيهَا، فَنَالَتْ أَصَابِعُهُ بَلَلًا فَقَالَ: «مَا هَذَا يَا صَاحِبَ الطَّعَامِ؟» قَالَ أَصَابَتْهُ السَّمَاءُ يَا رَسُولَ اللهِ، قَالَ: «أَفَلَا جَعَلْتَهُ فَوْقَ الطَّعَامِ كَيْ يَرَاهُ النَّاسُ؟ @مَنْ غَشَّ فَلَيْسَ مِنِّي».رواه مسلم
عَنْ أَبِي هُرَيْرَةَ رَضِيَ اللَّهُ عَنْهُ عَنِ النَّبِيِّ صَلَّى اللهُ عَلَيْهِ وَسَلَّمَ قَالَ: «مَنْ أَخَذَ أَمْوَالَ النَّاسِ يُرِيدُ أَدَاءَهَا أَدَّى اللَّهُ عَنْهُ، وَمَنْ أَخَذَ يُرِيدُ إِتْلاَفَهَا أَتْلَفَهُ اللَّهُ».رواه البخاري
Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden zijn met hem ) heeft overgeleverd dat de Profeet (vrede zij met hem) zei: “Allah, de Verhevene, zegt: Drie personen ben Ik tegenstander op de Dag des Oordeels: een man die Mij iets heeft gegeven en vervolgens zijn belofte heeft gebroken; een man die een vrije persoon heeft verkocht en de prijs ervan heeft opgeëist; en een man die een arbeider in dienst heeft genomen, zijn werk heeft laten volbrengen, maar hem zijn loon niet heeft gegeven.”Overgeleverd door Al-Boekhari
عَنْ عَائِشَةَ رَضِيَ اللَّهُ عَنْهَا قَالَتْ: كَانَ رَسُولُ اللَّهِ صَلَّى اللهُ عَلَيْهِ وَسَلَّمَ يَقْبَلُ الهَدِيَّةَ وَيُثِيبُ عَلَيْهَا.رواه البخاري
Overgeleverd door Aboe Shoerayh (moge Allah tevreden zijn met hem) dat de Profeet (vrede zij met hem) zei: "Bij Allah, hij gelooft niet, Bij Allah, hij gelooft niet, Bij Allah, hij gelooft niet" Men vroeg: "Wie, O Boodschapper van Allah?" Hij antwoordde: "Degene van wie zijn buurman niet veilig is voor zijn kwaad".Overgeleverd door Al-Boekhari