Hadith for the World

All hadiths

The complete card collection, filter by chapter

655 hadiths

عن عمرو بن شعيب، عن أبيه، عن جده قال: قال رسول الله صلى الله عليه وسلم : «يَدُ المسلمين على مَن سِواهم، تَتَكافَأُ دِماؤهم وأموالُهم، ويُجِيرُ على المسلمين أدْناهم، ويَرُدُّ على المسلمين أَقْصَاهم».رواه أبو داود وابن ماجه وأحمد
عن عائشة رضي الله عنها : أنّ قومًا قالوا: يا رسول الله إنّ قومًا يأتوننا باللحم لا نَدري أَذَكروا اسمَ الله عليه أم لا، فقال رسول الله صلى الله عليه وسلم : «سَمُّوا الله عليه وكُلُوه».رواه البخاري
عن أبي هريرة رضي الله عنه أن رسول الله صلى الله عليه وسلم قال: «إن لله تِسْعَةً، وتِسْعِينَ، اسْمًا، مِائَةً إلا واحدا مَنْ أَحْصَاهَا دخل الجنة».متفق عليه
Van Abdoellah ibn Oemar (moge Allah tevreden zijn met hen ): De boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: "Islam is gebouwd op vijf pijlers: De getuigenis dat er geen god is dan Allah, en dat Mohammed Zijn dienaar en boodschapper is, het verrichten van het gebed, het geven van aalmoezen, het verrichten van de bedevaart naar het Huis (de Ka°aba in Mekka), en het vasten tijdens de maand ramadan."Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Abu Sa'īd al-Khudri (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: Ik hoorde de Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) zeggen: Degene onder jullie die een slechte daad ziet, laat hem deze met zijn hand veranderen. Als hij daartoe niet in staat is, dan met zijn tong. En als hij daartoe niet in staat is, dan met zijn hart. En dat is het zwakste niveau van geloofOvergeleverd door Moeslim
Abu Mālik al-Ash'ari (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) zei: "Reinheid is de helft van het geloof, al-hamdulillāh (lof zij Allah) vult de Weegschaal, en subhān Allah wa al-hamdulillāh (glorie en lof zij Allah) vult wat tussen de hemelen en de aarde is. Gebed is licht, liefdadigheid is bewijs, geduld is schittering, en de Koran is een argument voor of tegen jou. Iedereen ontwaakt 's ochtends en verkoopt zijn ziel: hij bevrijdt het of veroordeelt het tot vernietiging."Overgeleverd door Moeslim
Mu'ādh (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: Ik reed achter de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) op een ezel genaamd 'Ufayr. De Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen over hem zijn) vroeg: "O Mu'ādh, weet jij wat het recht van Allah op Zijn dienaren is en wat het recht van Zijn dienaren op Hem is?" Ik antwoordde: "Allah en Zijn Boodschapper weten dat het beste." Hij zei: "Allah's recht op Zijn dienaren is dat zij Hem aanbidden en geen deelgenoten met Hem associëren. En het recht van de dienaren op Allah is dat Hij degene die geen deelgenoten met Hem verbindt niet straft." Ik zei: "O Boodschapper van Allah, moet ik de mensen niet op de hoogte brengen van dit goede nieuws?" Hij zei: "Breng hen er niet van op de hoogte, opdat zij er niet op gaan leunen ( zonder te handelen) "Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Jābir (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: Een man kwam naar de Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) en zei: "O Boodschapper van Allah, wat zijn de twee geboden?" Hij zei: "Wie sterft terwijl hij niets met Allah associeert zal het Paradijs binnengaan en wie sterft terwijl hij iets met Allah associeert zal het Hellevuur binnengaan."Overgeleverd door Moeslim
'Ā'ishah (moge Allah tevreden met haar zijn) rapporteerde: Ik zei: "O Boodschapper van Allah, Ibn Jud'ān had de gewoonte om verwantschapsbanden in stand te houden en de armen te voeden tijdens de Jāhiliyyah (pre-islamitische tijdperk van onwetendheid). Zal dit hem ten goede komen?" Hij zei: "Het zal hem niet baten, want hij heeft nooit gezegd: Mijn Heer, vergeef mijn zonden op de Dag des Oordeels."Overgeleverd door Moeslim
Van Soefyan ibn Abdoelah al-Thaqafi (moge Allah tevreden zijn met hem) zei: Ik vroeg: "O boodschapper van Allah, zeg mij iets over de islam waarnaar ik niemand anders zal vragen dan u ." Hij zei: "Zeg: 'Ik geloof in Allah, en blijf standvastig."Overgeleverd door Moeslim en Ahmed
Abu Hurayrah (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) zei: "Het Uur zal niet komen voordat de zon opkomt vanuit het westen, en wanneer zij opkomt en de mensen haar zien, zullen zij allen geloven. Maar dat zal de tijd zijn waarin het geloof niet meer baat voor hen die voorheen niet geloofden, of voor hen die niet iets goeds deden door hun geloof" [Soera al-An'ām: 158]. Het Uur zal zeker komen, dat twee personen, die een kleed tussen zich in spreiden, niet in staat zullen zijn hun koopje af te maken, noch zullen zij in staat zijn het op te vouwen. Het Uur zal zeker komen wanneer een man de melk van zijn kameel draagt, maar niet in staat zal zijn om ervan te drinken. Het Uur zal zeker komen wanneer iemand niet in staat zal zijn om de tank klaar te maken om zijn vee daaruit water te geven. En het Uur zal zeker komen wanneer iemand van jullie zijn voedsel naar zijn mond heeft gebracht, maar het niet kan eten."Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Abu Hurayrah (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) zei: "Jullie vuur is een zevenenzeventigste deel van het Hellevuur." Er werd gezegd: "O boodschapper van Allah, het zou genoeg zijn geweest." Daarop zei hij: "Het is negenenzestig delen meer dan (de hitte van) het vuur in deze wereld, waarbij elk van hen gelijk is aan de hitte ervan."Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
'Abdullāh ibn 'Amr ibn al-'Ās (moge Allah tevreden met hen zijn) rapporteerde: Ik hoorde de Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) zeggen: "Allah bepaalde het lot van de schepselen vijftigduizend jaar voordat Hij de hemelen en de aarde schiep." Hij zei: " Zijn Troon is op het water."Overgeleverd door Moeslim
Van Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden zijn met hem) heeft overgeleverd dat de profeet (vrede zij met hem) zei: Dit verwijst naar de majesteit van Allah, de grootsheid van Zijn macht, Zijn heerschappij en volledige soevereiniteit.Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
'Abdullāh ibn 'Amr (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) zei: "Er zal gezegd worden tot degene die de Koran toegewijd is: Lees, stijg en reciteer zoals jullie in de wereld plachten te reciteren. Je rang zal zijn bij het laatste vers dat je reciteert."Overgeleverd door Aboe Dawoed, At-Tirmidi, An-Nasa'i in al-Kubra en Ahmed
Ubayy ibn Ka'b (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) zei: "O Abu al-Mundhir, weet jij welk vers van het Boek van Allah dat jij hebt het grootste is?" Ik antwoordde: "Allah en Zijn Boodschapper weten dat het beste." Hij zei: "O Abu al-Mundhir, weet jij welk vers van Allah's Boek dat jij hebt het grootste is?" Ik zei: "Allah: niemand heeft het recht aanbeden te worden behalve Hij, de levende, de Onderhouder..." [Soera al-Baqarah: 255]." Daarop sloeg hij mij op de borst en zei: "Moge kennis aangenaam voor je zijn, O Abu al-Mundhir!"Overgeleverd door Moeslim
Overgeleverd door Abdoellah ibn Amr ibn al-'As (moge Allah tevreden zijn met hem ) dat hij de profeet (vrede en zegeningen zij met hem), hoorde zeggen: Wanneer jullie de moedzin horen, zeg dan hetzelfde als wat hij zegt. En doe vervolgens een smeekbede voor mij, want wie één gebed voor mij uitspreekt, daarvoor zal Allah tien gebeden uitspreken. Vraag daarna Allah voor mij de 'wassilah' (speciale positie in het Paradijs), want het is een plaats in het Paradijs die alleen geschikt is voor een dienaar van Allah's dienaren, en ik hoop dat ik degene ben. Dus wie de 'wassilah' voor mij vraagt, voor hem zal de voorspraak worden toegestaan.Overgeleverd door Moeslim
Van Anas ibn Malik (moge Allah tevreden zijn met hem ) zei: De profeet (vrede zij met hem) zei: Wie een gebed vergeet, dient het onmiddellijk te verrichten zodra hij het zich herinnert; er bestaat geen andere verzoening hiervoor : 'En onderhoud het gebed ter Mijner herinnering' [Soerat Taha: 14].Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Overgeleverd door Aboe Qatada Assalami (moge Allah tevreden zijn over hem ) dat de profeet (vrede zij met hem) zei: Wanneer één onder jullie de moskee binnengaat, laat hem dan twee rak'at bidden voordat hij gaat zitten.Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Overgeleverd door Aboe Hoemaid of Aboe Oesaid, die zei: De boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: "Wanneer één onder jullie de moskee binnengaat, laat hij zeggen: 'O Allah, open voor mij de deuren van Uw genade.' En wanneer hij vertrekt, laat hij zeggen: 'O Allah, ik vraag U om Uw gunsten."Overgeleverd door Moeslim
Van Djabir (moge Allah tevreden zijn met hem) is overgeleverd dat hij zei: Ik hoorde de profeet (vrede zij met hem) zeggen: "Voorwaar, tussen een persoon en ongeloof en afgoderij staat het verwaarlozen van het gebed (sommige geleerden zeggen dat dat al gebeurd wanneer men één gebed expres niet op tijd doet)".Overgeleverd door Moeslim
Van Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden zijn over hem ) zei: "De boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: De profeet (vrede zij met hem) zei: "De ergste dief is degene die van zijn gebed steelt." Ze vroegen: "Hoe kan iemand zijn gebed stelen?" Hij antwoordde: "Hij voltooit zijn buiging (roekoe) en zijn knieling (soedjoed) niet."Overgeleverd door ibn Maja
Van Ibn Abi Awfa (moge Allah tevreden zijn over hem ) zei: Wanneer de boodschapper van Allah, moge Allah's zegeningen en vrede op hem zijn, zich optilde vanuit de buiging (na het knielen in gebed), placht hij te zeggen: "Sami'a Allahoe liman hamidah" (Allah luistert naar degene die Hem prijst). O Allah, onze Heer, aan U behoort alle lof, vulling van de hemelen en vulling van de aarde, en vulling van alles wat U wilt na dit."Overgeleverd door Moeslim
Van Oethman ibn Abi al-Aas (moge Allah tevreden over hem zijn) zei: Er wordt overgeleverd dat hij naar de Profeet Mohammad (vrede zij met hem) ging en zei: "O boodschapper van Allah, voorwaar, de duivel komt tussen mij en mijn gebed en het reciteren ervan, en hij verstoort het voor mij." De boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: "Dat is een duivel genaamd Khinzab. Wanneer je hem voelt, zoek dan toevlucht tot Allah tegen hem en spuug driemaal naar je linkerzijde". Hij zei: "Dat deed ik, en Allah verwijderde hem van mij."Overgeleverd door Moeslim