NL
Topic
De Edele Koran en zijn wetenschappen
26 hadiths
De openbaring en compilatie van de Koran
2
De recitaties en tajweed (correcte uitspraak)
1
De exegese (uitleg) van de Koran
2
Algemene Koranische onderwerpen
3
De deugden van de Koran
19
26 hadiths
عن ابن مسعود رضي الله عنه قال: قال رسول الله صلى الله عليه وسلم : «لا حَسَدَ إلا في اثنتين: رجل آتاه الله مالا، فسَلَّطَه على هَلَكَتِهِ في الحَقِّ، ورجل آتاه الله حِكْمَة، فهو يقضي بها ويُعَلِّمَها». وعن ابن عمر رضي الله عنهما ، عن النبي صلى الله عليه وسلم قال: «لا حسد إلا في اثنتين: رجل آتاه الله القرآن، فهو يقوم به آناء الليل وآناء النهار، ورجل آتاه الله مالا، فهو ينفقه آناء الليل وآناء النهار».
حديث ابن مسعود رضي الله عنه: متفق عليه. حديث ابن عمر رضي الله عنه: متفق عليه
عن أبي أمامة رضي الله عنه قال: سمعتُ رسولَ اللهِ صلى الله عليه وسلم يقولُ: «اقْرَؤُوا القرْآنَ؛ فَإنَّهُ يَأتِي يَوْمَ القِيَامَةِ شَفِيعًا لأَصْحَابِهِ».
رواه مسلم
Van Ibn Omar (moge Allah tevreden zijn met hem) rapporteerde: "De profeet (vrede zij met hem) zei: “De gelijkenis van iemand die de Koran draagt, is als die van iemand die kamelen heeft vastgebonden: als hij hen zorgvuldig bewaakt, houdt hij ze vast; maar als hij hen loslaat, verdwijnen ze.”
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Othman (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) zei: "De besten onder jullie zijn degenen die de Koran leren en aan anderen onderwijzen".
Overgeleverd door Al-Boekhari
عن البراء بن عازب –رضي الله عنهما- قال: كانَ رجلٌ يَقرَأُ سُورةَ الكهفِ، وعندَه فَرَسٌ مَربُوطٌ بِشَطَنَيْنِ، فَتَغَشَّتْهُ سَحَابَةٌ فَجَعَلَتْ تَدْنُو، وجَعلَ فَرَسُه يَنفِرُ منها، فلمّا أصبحَ أتَى النبيَّ صلى الله عليه وسلم فَذَكرَ ذلك له، فقالَ: «تِلكَ السَّكِينةُ تَنَزَّلَتْ للقُرآنِ».
متفق عليه
Aboe Hoerayrah (moge Allah tevreden met hem zijn) heeft overgeleverd dat de Profeet ﷺ (vrede zij met hem) heeft gezegd: "Maak jullie huizen niet tot graven, want de duivel vlucht weg uit het huis waarin Soera Al-Baqarah wordt gereciteerd."
Overgeleverd door Moeslim
Aboe Moesa al-Ash'ari (moge Allah tevreden zijn met hem ) rapporteerde: De profeet (vrede zij met hem) zei: "Dit is het voorbeeld van een gelovige die de Koran reciteert, als dat van een citrusvrucht , zijn geur is aangenaam en zijn smaak is heerlijk . En het voorbeeld van een gelovige die de Koran niet reciteert, is als dat van een dadel deze heeft geen geur, maar zijn smaak is zoet. En het voorbeeld van een hypocriet die de Koran reciteert, is als dat van een muntplant, de geur is aangenaam, maar de smaak is bitter. En het voorbeeld van een hypocriet die de Koran niet reciteert, is als dat van een zuring: het heeft geen geur en de smaak is bitter".
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Aboe Dardā' (moge Allah tevreden zijn met hem) zei, de profeet (vrede zij met hem) zei: "Wie tien verzen uit het begin van Soerah al-Kahf (de Grot) uit zijn hoofd leert, wordt beschermd tegen de Dajjal." In een andere overlevering staat: "Van het einde van Soera al-Kahf."
Overgeleverd door Moeslim
Ibn Mas'ūd (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De profeet ﷺ (vrede zij met hem) zei: "Degene die de laatste twee verzen van Soera Al-Baqarah reciteert in één nacht, zal voldoende beloning hebben."
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
'Abdullāh ibn Mas'ūd (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: Ik hoorde de Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) zeggen: "Degene die een letter van het Boek van Allah reciteert, zal beloond worden met één goede daad, en een goede daad wordt vermenigvuldigd met tien gelijke daarvan . Ik zeg niet dat "Alif Lam Mim" één letter is, maar "Alif" is een letter, "Lam" is een letter, en "Mim" is een letter."
Overgeleverd door At-Tirmidhi
Aisha (moge Allah tevreden over haar zijn) heeft gezegd: De Profeet, moge vrede en zegeningen van Allah met hem zijn, herinnerde zich Allah bij elke gelegenheid.
Overgeleverd door Moeslim
عن أبي سعيد رافع بن المعلى رضي الله عنه قال: قال لي رسول الله صلى الله عليه وسلم : «أَلاَ أُعَلِّمُكَ أَعْظَمَ سُورَةٍ في القُرْآن قَبْلَ أنْ تَخْرُجَ مِنَ الْمَسْجِد؟» فَأخَذَ بِيَدِي، فَلَمَّا أرَدْنَا أنْ نَخْرُجَ، قُلْتُ: يَا رَسُولَ اللهِ، إنَّكَ قُلْتَ: لأُعَلِّمَنَّكَ أعْظَمَ سُورَةٍ في القُرْآنِ؟ قالَ: «الحَمْدُ للهِ رَبِّ العَالَمِينَ، هِيَ السَّبْعُ المَثَانِي وَالقُرْآنُ العَظِيمُ الَّذِي أُوتِيتُهُ».
رواه البخاري
Aisha (moge Allah tevreden zijn met haar) verhaalde dat de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: “Degene die bekwaam is in het reciteren van de Koran, zal zich in het gezelschap bevinden van de nobele, rechtschapen engelen. En degene die de Koran leest en hierbij struikelt en voor wie het moeilijk is, zal een dubbele beloning ontvangen.”
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
عن عقبة بن عامر رضي الله عنه : أن رسول الله صلى الله عليه وسلم قال: «ألَمْ تَرَ آيَاتٍ أُنْزِلَتْ هذِهِ اللَّيْلَةَ لَمْ يُرَ مِثْلُهُنَّ قَطُّ؟ (قل أعوذ برب الفلق) و(قل أعوذ برب الناس)».
رواه مسلم
عن عمر بن الخطاب رضي الله عنه : أن النبي صلى الله عليه وسلم قال: «إن اللهَ يَرفعُ بهذا الكِتابِ أقْواماً ويَضَعُ به آخَرِينَ».
رواه مسلم
عن عبادة بن الصامت رضي الله عنه ، قال: «كان نبيُّ اللهِ صلى الله عليه وسلم إذا أُنْزِلَ عليه الوحيُ كُرِبَ لذلك وتَرَبَّدَ وجهُه».
رواه مسلم
عن عائشة رضي الله عنها ، قالت: «إنْ كانَ لَيَنْزِلُ على رسولِ اللهِ صلى الله عليه وسلم في الغَدَاةِ الباردةِ، ثم تَفِيضُ جَبْهَتُه عَرَقًا».
رواه مسلم
عن البراء بن عازب رضي الله عنه قال: قال رسول الله صلى الله عليه وسلم : «زَيِّنُوا القرآنَ بأصواتِكم».
رواه أبو داود والنسائي وابن ماجه وأحمد
عن عبد الله بن مسعود رضي الله عنه قال: قال النبي صلى الله عليه وسلم : «بِئْسَ ما لأحَدِهم أنْ يقول نَسِيتُ آيةَ كَيْتَ وكَيْتَ، بل نُسِّيَ، واستذكِروا القرآن، فإنه أشدُّ تَفَصِّيًا مِن صدور الرِّجال من النَّعَم».
متفق عليه
Overgeleverd door Aboe Oemaamah al-Baahili — moge Allah tevreden met hem zijn — die zei: Ik hoorde de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zeggen: "Lees de Koran, want waarlijk, hij zal op de Dag der Opstanding als voorspraak verschijnen voor zijn gezellen. Lees de twee lichtgevende hoofdstukken: Soerat Al-Baqarah en Soerat Aali 'Imraan, want zij zullen op de Dag der Opstanding verschijnen alsof zij twee wolkenmassa’s zijn, of twee schaduwrijke nevelvelden, of twee rijen van vogels met gespreide vleugels die elkaar omhullen en zij zullen pleiten ten gunste van hun gezellen. Lees Soerat Al-Baqarah, want het vasthouden eraan brengt zegen, het verzaken ervan brengt spijt en de tovenaars zijn niet bij machte haar te weerstaan."
Overgeleverd door Moeslim
عن جندب بن عبد الله رضي الله عنه عن النبي صلى الله عليه وسلم قال: «اقرؤوا القرآنَ ما ائْتَلَفت قلوبُكم، فإذا اختلفْتُم فقوموا عنه».
متفق عليه
Abu Hurayrah (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) zei: "Het Uur zal niet komen voordat de zon opkomt vanuit het westen, en wanneer zij opkomt en de mensen haar zien, zullen zij allen geloven. Maar dat zal de tijd zijn waarin het geloof niet meer baat voor hen die voorheen niet geloofden, of voor hen die niet iets goeds deden door hun geloof" [Soera al-An'ām: 158]. Het Uur zal zeker komen, dat twee personen, die een kleed tussen zich in spreiden, niet in staat zullen zijn hun koopje af te maken, noch zullen zij in staat zijn het op te vouwen. Het Uur zal zeker komen wanneer een man de melk van zijn kameel draagt, maar niet in staat zal zijn om ervan te drinken. Het Uur zal zeker komen wanneer iemand niet in staat zal zijn om de tank klaar te maken om zijn vee daaruit water te geven. En het Uur zal zeker komen wanneer iemand van jullie zijn voedsel naar zijn mond heeft gebracht, maar het niet kan eten."
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
'Abdullāh ibn 'Amr (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) zei: "Er zal gezegd worden tot degene die de Koran toegewijd is: Lees, stijg en reciteer zoals jullie in de wereld plachten te reciteren. Je rang zal zijn bij het laatste vers dat je reciteert."
Overgeleverd door Aboe Dawoed, At-Tirmidi, An-Nasa'i in al-Kubra en Ahmed
Ubayy ibn Ka'b (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) zei: "O Abu al-Mundhir, weet jij welk vers van het Boek van Allah dat jij hebt het grootste is?" Ik antwoordde: "Allah en Zijn Boodschapper weten dat het beste." Hij zei: "O Abu al-Mundhir, weet jij welk vers van Allah's Boek dat jij hebt het grootste is?" Ik zei: "Allah: niemand heeft het recht aanbeden te worden behalve Hij, de levende, de Onderhouder..." [Soera al-Baqarah: 255]." Daarop sloeg hij mij op de borst en zei: "Moge kennis aangenaam voor je zijn, O Abu al-Mundhir!"
Overgeleverd door Moeslim
Page 1 of 2
Next page