Hadith for the World
Spirituele lessen en preken

Kenmerken van het paradijs en de hel

17 hadiths

17 hadiths

Vanuit Oebada (moge Allah tevreden zijn met hem ) van de profeet (vrede zij met hem) is overgeleverd: "Degenen die getuigen dat er geen god is dan Allah, en Hij is de Enige, geen deelgenoten heeft; en dat Mohammed Zijn dienaar en boodschapper is, en dat Jezus Zijn dienaar en boodschapper is en Zijn woord dat Hij naar Mariam zond, en een Geest van Hem; en dat het paradijs waar is en de hel waar is; Allah zal hem het paradijs binnenvoeren op basis van zijn daden".Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Ibn Mas'ūd (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De profeet ﷺ (vrede zij met hem) zei: "Het Paradijs is dichter bij één van jullie dan zijn schoenzool, en het Hellevuur ook."Overgeleverd door Al-Boekhari
عن أبي هريرة رضي الله عنه أن رسول الله صلى الله عليه وسلم قال: «إنَّ في الجنَّة مائةَ دَرَجَة أعَدَّهَا الله للمُجاهِدين في سَبِيل الله ما بَيْنَ الدَّرَجَتَيْنِ كما بين السماء والأرض».رواه البخاري
Aboe Sa'īd Al-Khudri (moge Allah tevreden zijn hem) rapporteerde: De Boodschapper van Allah (moge Allah Zijn vrede en zegeningen op hem zijn) zei: "O Aboe Sa'id, wie tevreden is met Allah als zijn Heer, met de Islam als zijn religie en met Mohammad als zijn profeet, voor hem is het paradijs verplicht", Aboe Sa'id was verwonderd en zei: "Herhaal dat voor mij, o Boodschapper van Allah." Dit deed hij en vervolgens zei hij: "En er is nog een andere waarmee de dienaar honderd graden in het paradijs wordt verhoogd, waarbij de afstand tussen elke twee graden is zoals de afstand tussen de hemel en de aarde." Hij vroeg: "En wat is dat, o Boodschapper van Allah?" Hij antwoordde: "Djihad in de weg van Allah, djihad in de weg van Allah."Overgeleverd door Moeslim
عن أنس بن مالك رضي الله عنه مرفوعاً: «يُؤتى بأنعم أهل الدنيا من أهل النار يوم القيامة، فَيُصْبَغُ في النار صَبْغَةً، ثم يقال: يا ابن آدم، هل رأيت خيرًا قطُّ؟ هل مَرَّ بك نَعِيمٌ قطُّ؟ فيقول: لا والله يا رب، وَيُؤْتَى بأشدِّ الناس بُؤسًا في الدنيا من أهل الجَنَّة، فَيُصْبَغُ صَبْغَةً في الجنَّة، فيقال له: يا ابن آدم، هل رأيت بُؤسًا قط؟ هل مَرَّ بك شِدَّةٌ قط؟ فيقول: لا والله، ما مَرَّ بي بُؤْسٌ قطٌّ، ولا رأيت شِدةً قَطُّ».رواه مسلم
عن عبد الله بن مسعود رضي الله عنه مرفوعاً: «يُؤْتَى بجهنم يومئذ لها سبعون ألف زِمَامٍ مع كل زمام سبعون ألف ملك يَجُرُّونَهَا».رواه مسلم
Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden over hem zijn) heeft gezegd: De Boodschapper van Allah (moge Allah Zijn vrede en zegeningen op hem zijn) werd gevraagd naar de beste daden die de mensen het Paradijs doet binnentreden: "Vrees voor Allah en goede manieren." Daarna werd hij gevraagd naar de meeste daden die mensen de hel doet binnentreden en hij zei: "De mond en de geslachtsdelen.”Overgeleverd door At-Tirmidhi, Ibn Maja en Ahmed
عن أبي هريرة رضي الله عنه قال: قال رسول الله صلى الله عليه وسلم : « سَيْحَانُ وَجَيْحَانُ وَالفُرَاتُ والنِّيل كلٌّ من أنهار الجنة».رواه مسلم
Aboe Sa'id al-Khoedri en Aboe Hoerayrah, moge Allah tevreden met hen zijn, overleveren dat de profeet (vrede zij met hem) zei: "Een oproeper zal roepen: 'Voorwaar, jullie zullen gezond zijn en nooit ziek worden. Jullie zullen leven en nooit sterven. Jullie zullen jeugdig zijn en nooit verouderen. Jullie zullen genieten en nooit teleurgesteld raken.' Dit is wat Allah, de Verhevene, in het volgende vers heeft gezegd: {En er wordt geroepen: Dit is het paradijs dat jullie hebben geërfd door hetgeen jullie deden.} [Al-A'raaf: 43].Overgeleverd door Moeslim
Aboe Sa'īd al-Khoedri (moge Allah tevreden zijn met hem ) rapporteerde: De boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: "Allah de gezegende en verhevene zal zeggen tegen de bewoners van het paradijs: 'O bewoners van het paradijs?'" Zij zullen antwoorden: "Uw bevelen gehoorzamend, onze Heer, en tot Uw dienst bereid." Hij zal zeggen: "Zijn jullie tevreden?" Zij zullen antwoorden: "En hoe zouden wij niet tevreden kunnen zijn, terwijl U ons heeft gegeven wat U aan niemand van Uw schepselen heeft gegeven?" Hij zal zeggen: "Ik zal jullie iets beters geven dan dat." Zij zullen zeggen: "O Heer, wat kan er beter zijn dan dat?" Hij zal zeggen: "Ik schenk jullie Mijn welbehagen, en Ik zal nooit meer boos op jullie zijn.""Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Aboe Moessa Al-Ash'ari, moge Allah tevreden zijn met hem, zei dat de profeet (vrede zij met hem) zei: "Voor de gelovige in het paradijs is er een tent van één enkele, holle parel, met een lengte van zestig mijl. Daarin heeft de gelovige gezellen en de gelovige zal om hen heen gaan, zonder dat zij elkaar zien."Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Aboe Sa'ied al-Khoedri (moge Allah tevreden met hem zijn) heeft overgeleverd dat de Profeet (vrede zij met hem) zei: "O vrouwen, geef veel liefdadigheid, want ik heb gezien dat jullie de meerderheid van de bewoners van de hel zijn." De vrouwen vroegen: "Waarom, O Boodschapper van Allah?" Hij antwoordde: "Jullie vervloeken vaak en zijn ontevreden over jullie echtgenoten. Ik heb geen enkele groep gezien waarvan het gebrek aan verstand en religie de gemoedstoestand van een bedachtzaam en verstandig man meer kan verstoren dan van jullie." De vrouwen vroegen: "Wat is het tekort aan onze religie en ons verstand, O Boodschapper van Allah?" Hij antwoordde: "Is het niet zo dat de getuigenis van twee vrouwen gelijk staat aan die van één man?" Zij bevestigden: "Ja." Hij zei: "Dat is een teken van het tekort aan hun verstand. En is het niet zo dat als een vrouw haar menstruatie heeft, zij niet bidt en niet vast?" Zij bevestigden: "Ja." Hij zei: "Dat is een teken van het tekort aan haar religie."Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden zijn met hem ) rapporteerde dat de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem ) zei: "Allah, de Verhevene en Gezegende, heeft gezegd: 'Ik heb voor Mijn rechtvaardige dienaren voorbereid wat geen oog heeft gezien, wat geen oor heeft gehoord en wat in geen mensenhart is opgekomen". Aboe Hoerayra zei: "Lees: {Geen ziel weet welk vreugdevol genoegen voor hen verborgen is als beloning voor wat zij deden} [As-Sadjda:17].Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
عن عياض بن حمار المجاشعي رضي الله عنه ، أن رسول الله صلى الله عليه وسلم ، قال ذات يوم في خطبته: «ألَا إن ربي أمرني أن أُعَلِّمَكم ما جَهِلتم، ممَّا علَّمني يومي هذا، كلُّ مالٍ نَحَلتُه عبدًا حلال، وإني خلقتُ عبادي حُنَفاء كلهم، وإنهم أتتهم الشياطين فاجتالتهم عن دينهم، وحَرَّمت عليهم ما أحللتُ لهم، وأمرتهم أن يُشركوا بي ما لم أُنزِّل به سلطانا، وإن الله نظر إلى أهل الأرض، فمَقَتهم عربهم وعَجَمهم، إلَّا بقايا من أهل الكتاب، وقال: إنما بعثتُك لأبتليَك وأبتلي بك، وأنزلتُ عليك كتابًا لا يغسله الماءُ، تقرؤه نائمًا ويقظان، وإنَّ اللهَ أمرني أن أحرِق قُرَيشًا، فقلت: رب إذا يَثْلُغوا رأسي فيدعوه خُبْزة، قال: استخرجهم كما استخرجوك، واغزهم نُغزك، وأنفق فسننفق عليك، وابعث جيشا نبعث خمسة مثله، وقاتل بمن أطاعك مَن عصاك، قال: وأهل الجنة ثلاثة ذو سلطان مُقْسِط مُتَصَدِّق مُوَفَّق، ورجل رحيم رقيق القلب لكل ذي قربى ومسلم، وعفيف متعفِّف ذو عيال، قال: وأهل النار خمسة: الضعيف الذي لا زَبْر له، الذين هم فيكم تبعا لا يبتغون أهلا ولا مالا، والخائن الذي لا يخفى له طمع، وإن دقَّ إلا خانه، ورجل لا يُصبح ولا يمسي إلا وهو يخادعك عن أهلك ومالك «وذكر» البخل أو الكذب والشِّنظير الفحَّاش».رواه مسلم
عن عبد الله بن عمر رضي الله عنهما أنَّ رسول الله صلى الله عليه وسلم قال: «عُذِّبت امرأة في هِرَّة سَجَنَتْها حتى ماتت، فدخلت فيها النار، لا هي أطعمتها ولا سَقتها، إذ حبستها، ولا هي تَركتْها تأكل مِن خَشَاشِ الأرض».متفق عليه
Abu Hurayrah (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De Boodschapper van Allah (moge Allah's vrede en zegeningen op hem zijn) zei: "Jullie vuur is een zevenenzeventigste deel van het Hellevuur." Er werd gezegd: "O boodschapper van Allah, het zou genoeg zijn geweest." Daarop zei hij: "Het is negenenzestig delen meer dan (de hitte van) het vuur in deze wereld, waarbij elk van hen gelijk is aan de hitte ervan."Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
عَنْ أَبِي هُرَيْرَةَ رَضِيَ اللَّهُ عَنْهُ قَالَ: قَالَ رَسُولُ اللَّهِ صَلَّى اللهُ عَلَيْهِ وَسَلَّمَ: «مَنْ آمَنَ بِاللَّهِ وَبِرَسُولِهِ، وَأَقَامَ الصَّلاَةَ، وَصَامَ رَمَضَانَ كَانَ حَقًّا عَلَى اللَّهِ أَنْ يُدْخِلَهُ الجَنَّةَ، جَاهَدَ فِي سَبِيلِ اللَّهِ أَوْ جَلَسَ فِي أَرْضِهِ الَّتِي وُلِدَ فِيهَا»، فَقَالُوا: يَا رَسُولَ اللَّهِ، أَفَلاَ نُبَشِّرُ النَّاسَ؟ قَالَ: «إِنَّ فِي الجَنَّةِ مِائَةَ دَرَجَةٍ، أَعَدَّهَا اللَّهُ لِلْمُجَاهِدِينَ فِي سَبِيلِ اللَّهِ، مَا بَيْنَ الدَّرَجَتَيْنِ كَمَا بَيْنَ السَّمَاءِ وَالأَرْضِ، فَإِذَا سَأَلْتُمُ اللَّهَ فَاسْأَلُوهُ الفِرْدَوْسَ، فَإِنَّهُ أَوْسَطُ الجَنَّةِ وَأَعْلَى الجَنَّةِ -أُرَاهُ- فَوْقَهُ عَرْشُ الرَّحْمَنِ، وَمِنْهُ تَفَجَّرُ أَنْهَارُ الجَنَّةِ».رواه البخاري