NL
All hadiths
The complete card collection, filter by chapter
De Edele Koran en zijn wetenschappen
26
De Hadith en zijn wetenschappen
3
Geloofsleer
135
De jurisprudentie en zijn grondbeginsels
288
De deugden en etiquette
288
De da'wa (uitnodiging tot islam) en de verantwoording
15
De biografie en geschiedenis
38
655 hadiths
Jābir ibn 'Abdoellāh (moge Allah tevreden met hen zijn) rapporteerde: De profeet (vrede zij met hem) zei: Ik ben begunstigd met vijf zaken die geen enkele profeet vóór mij heeft gekregen: ik ben geholpen door angst over een reis van een maand, de aarde is voor mij gemaakt als een plaats van aanbidding en reiniging, dus wie van mijn gemeenschap het gebed bereikt, laat hem het verrichten. De buit is wettig voor mij, wat niet het geval was voor iemand vóór mij. Ik ben toegestaan om voorbede te doen. Terwijl een profeet naar zijn volk werd gestuurd, ben ik naar de mensheid in het algemeen gestuurd.
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
عن أنس بن مالك رضي الله عنه مرفوعًا: «من قال -يعني: إذا خَرج من بَيتِه-: بِسم الله تَوَكَّلتُ على اللهِ، وَلاَ حول ولا قُوَّة إِلَّا بالله، يُقَال له: هُدِيتَ وَكُفِيتَ وَوُقِيتَ، وَتَنَحَّى عَنه الشَّيطَان». زاد أبو داود: «فيقول -يعني: الشيطان- لِشَيطان آخر: كَيف لَك بِرَجلٍ قَد هُدِيَ وكُفِيَ ووُقِيَ؟».
رواه أبو داود والترمذي
عن معاذ بن جبل رضي الله عنه عن رسول الله صلى الله عليه وسلم أنه قال: «قَالَ اللهُ -عَزَّ وجَلَّ-: المُتَحَابُّون فِي جَلاَلِي، لَهُم مَنَابِرُ مِن نُورٍ يَغْبِطُهُم النَبِيُّونَ والشُهَدَاء».
رواه الترمذي وأحمد
Overgeleverd van Moad ibn Jabal (moge Allah tevreden met hem zijn): Dat de boodschapper (vrede zij met hem) de hand van Moad ibn Jabal vastgreep en zei: "O Moad, bij Allah, ik hou werkelijk van jou.' Toen zei hij: 'Ik adviseer jou, o Moad, laat na elke gebed niet na te zeggen: 'O Allah, help mij U te herinneren, U te danken en U op de beste manier te aanbidden".
رواه أبو داود والنسائي وأحمد
Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden zijn met hem) heeft overgeleverd dat de profeet (vrede zij met hem) zei: "Allah aanvaardt het gebed van niemand onder jullie , als hij zijn reinheid heeft verbroken totdat hij de kleine wassing verricht."
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden zijn over hem ) zei: "De boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: ''Allah zegt: Elk van de daden van de zoon van Adam is voor hem, behalve het vasten, want dat is voor Mij en Ik zal ervoor belonen. Vasten is een schild. Als het de dag van vasten is voor een van jullie, laat hem dan geen obscene taal gebruiken en niet luidruchtig zijn. Als iemand hem beledigt of met hem vecht, laat hem dan zeggen: 'Ik ben aan het vasten.' Bij Degene in Wiens hand de ziel van Mohammed is, de ademgeur van de vastende is bij Allah beter dan de geur van muskus. De vastende heeft twee vreugdevolle momenten: wanneer hij zijn vasten verbreekt, is hij blij en wanneer hij zijn Heer ontmoet, is hij blij vanwege zijn vasten."
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Aboe Hurayrah (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De boodschapper van Allah (moge Allah Zijn vrede en zegeningen op hem zijn) zei: Wanneer een van jullie zijn broeder tegenkomt, laat hem dan vrede groeten. Als er iets tussen hen staat, zoals een boom, een muur of een steen en vervolgens ontmoeten ze elkaar, laat hen dan ook vrede groeten.
Overgeleverd door Aboe Dawoed
Abu Mūsa al-Ash'ari (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De profeet ﷺ (vrede zij met hem) zei: "Wanneer een dienaar ziek wordt of op reis gaat, wordt voor hem geschreven (aan beloning) wat hij normaal zou doen in goede gezondheid."
Overgeleverd door Al-Boekhari
Jābir (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: Ik hoorde De profeet ﷺ (vrede zij met hem) zeggen: "De beste dhikr is lā ilāha illa Allah (er is geen god dan Allah), en de beste smeekbede is Alhamdulillah (lof zij Allah)."
Overgeleverd door At-Tirmidhi, An-Nasa'i in al-Kubra en Ibn Maja
Van Aboe Hoerayra, moge Allah tevreden zijn met hem, zei; dat de profeet (vrede zij met hem) zei: "Zal ik jullie wijzen op datgene waarmee Allah zonden uitwist en waarmee Hij graden verheft?" Ze zeiden: "Zeker, O boodschapper van Allah." Hij zei: "Het verrichten van wassing (wudu) in tijden van moeilijkheid, het veelvuldig verrichten van daden van aanbidding, zelfs als ze klein zijn, het frequent bezoeken van de moskeeën, en het wachten op het gebed na het gebed. Dit is jullie ribaat (een vorm van spirituele strijd en discipline)".
Overgeleverd door Moeslim
Abu Dharr (moge Allah tevreden zijn met hem ) rapporteerde: De boodschapper (vrede zij met hem) zegt: "Zal ik jullie vertellen over jullie beste daden, de zuiverste ervan bij jullie Koning, en de hoogste ervan in jullie rangen? Beter voor jullie dan het uitgeven van goud en zilver, en beter voor jullie dan het ontmoeten van jullie vijanden waarbij jullie hun nekken afhakken en zij jullie nekken afhakken?" Ze zeiden: "Ja." Hij zei: "Het gedenken van Allah de Verhevene".
Overgeleverd door At-Tirmidhi, Ibn Maja en Ahmed
Soelaiman bin Soerad (moge Allah tevreden met hem zijn) zei: Ik zat met de Profeet (vrede zij met hem) toen twee mannen ruzie maakten. Eén van hen werd rood in het gezicht en zijn aderen zwollen op. De Profeet (vrede zij met hem) zei: ''Ik ken een uitdrukking, als deze boze persoon die zou uitspreken, zijn woede zou doen verdwijnen. Als hij zou zeggen: "Ik zoek toevlucht bij Allah tegen de vervloekte satan, (A'oedhoe billaahi min ash-shaytaan)" zou zijn woede verdwijnen. Ze zeiden tegen hem: 'De Profeet (vrede zij met hem) heeft gezegd:' "Zoek toevlucht bij Allah tegen de satan.'' Hij antwoordde: "Ben ik gek misschien?"
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Ibn Mas'ūd (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De profeet ﷺ (vrede zij met hem) zei: "Het Paradijs is dichter bij één van jullie dan zijn schoenzool, en het Hellevuur ook."
Overgeleverd door Al-Boekhari
Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden zijn over hem ) zei: De boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: "De wereld is een gevangenis voor de gelovige en een paradijs voor de ongelovige."
Overgeleverd door Moeslim
Aboe Qataadah (moge Allah tevreden met hem zijn) zei: De Profeet (vrede zij met hem) zei: "De goede droom komt van Allah, terwijl de nachtmerrie afkomstig is van de satan. Wanneer iemand van jullie een nachtmerrie heeft die hem angst aanjaagt, laat hem dan driemaal over zijn linkerschouder spuwen en zijn toevlucht zoeken bij Allah tegen het kwaad ervan, want het zal hem geen kwaad doen".
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
عن عبد الله بن عمرو بن العاص رضي الله عنهما أن رسول الله صلى الله عليه وسلم قال: «يَغْفِرُ الله للشَّهيد كُلَّ شيءٍ إلا الدَّين». وفي رواية له: «القَتْل في سَبِيل الله يُكَفِّر كلَّ شيءٍ إلا الدَّين».
رواه مسلم
Aboe Hoerayrah (moge Allah tevreden met hem zijn) heeft overgeleverd dat de Profeet ﷺ (vrede zij met hem) heeft gezegd: "De vijf (dagelijkse) gebeden, het vrijdaggebed tot het volgende vrijdaggebed en de ramadan tot de volgende ramadan zijn een boetedoening voor de zonden die ertussen zijn begaan, zolang grote zonden vermeden worden."
Overgeleverd door Moeslim
Er is overgeleverd door ‘Abdoellah ibn Mas‘oed, dat de Profeet (vrede zij met hem) zei: "O Allah, ik vraag U om leiding, vroomheid, kuisheid en welvaart.’"
Overgeleverd door Moeslim
عن أبي هريرة، عن النبي صلى الله عليه وسلم قال: «إن العبد لَيَتَكَلَّمُ بالكلمة من رِضْوَانِ الله تعالى ما يُلْقِي لها بَالًا يَرْفَعُهُ الله بها درجاتٍ، وإن العبد لَيَتَكَلَّمُ بالكلمة من سَخَطِ الله تعالى لا يُلْقِي لها بَالًا يَهْوِي بها في جهنم». وعن أبي عبد الرحمن بلال بن الحارث المزني رضي الله عنه : أن رسول الله صلى الله عليه وسلم قال: «إن الرجل لَيَتَكَلَّمُ بالكلمة من رِضْوَانِ الله تعالى ما كان يظن أن تبلغ ما بَلَغَتْ يكتب الله له بها رِضْوَانَهُ إلى يوم يَلْقَاهُ، وإن الرجل لَيَتَكَلَّمُ بالكلمة من سَخَطِ الله ما كان يظن أن تبلغ ما بَلَغَتْ يكتب الله له بها سَخَطَهُ إلى يوم يَلْقَاهُ».
حديث أبي هريرة -رضي الله عنه-: رواه البخاري. حديث بلال المزني -رضي الله عنه-: رواه الترمذي وابن ماجه ومالك وأحمد
عن أبي هريرة رضي الله عنه أن رسول الله صلى الله عليه وسلم قال: «إنَّ في الجنَّة مائةَ دَرَجَة أعَدَّهَا الله للمُجاهِدين في سَبِيل الله ما بَيْنَ الدَّرَجَتَيْنِ كما بين السماء والأرض».
رواه البخاري
عن جابر رضي الله عنه قال: سمعت رسول الله صلى الله عليه وسلم يقول: «إن في الليل لساعة، لا يُوَافِقُهَا رجُلٌ مُسلم يَسأل الله تعالى خيرًا من أمْرِ الدنيا والآخرة، إلا أعْطَاه إِياه، وذلك كُلَّ ليلة».
رواه مسلم
عن أبي هريرة رضي الله عنه : أن رجلًا أتى النبي صلى الله عليه وسلم يَتَقَاضَاهُ فَأغْلَظَ له، فَهَمَّ به أصحابه، فقال رسول الله صلى الله عليه وسلم : «دَعُوه، فإن لِصَاحب الحَقِّ مَقَالا» ثم قال: «أعْطُوهُ سِنًّا مِثْل سِنِّهِ» قالوا: يا رسول الله، لا نَجِدُ إلا أمْثَلَ مِنْ سِنِّهِ، قال: «أعْطُوه، فإن خَيْرَكم أحْسَنُكُم قَضَاء».
متفق عليه
Van Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden zijn over hem ) zei: De Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: "Allah, de Almachtige en Verhevene, zegt: 'Ik ben zoals Mijn dienaar over Mij denkt en Ik ben met hem wanneer hij Mij gedenkt. Als hij Mij in zichzelf gedenkt, gedenk Ik hem in Mijzelf. Als hij Mij in een gezelschap gedenkt, gedenk Ik hem in een gezelschap dat beter is dan het zijne. Als hij een handbreedte naar Mij toekomt, kom Ik een el naar hem toe. En als hij een el naar Mij toekomt, kom Ik een vadem naar hem toe. En als hij Mij tegemoet loopt, kom Ik hem haastig tegemoet".
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Shu'aih ibn Hani zei: Hij vroeg aan Aisha: 'Waarmee begon de Profeet (vrede zij met hem) wanneer hij zijn huis binnenging?' Zij antwoordde: 'Met het gebruik van de siwak.
Overgeleverd door Moeslim
Previous page
Page 6 of 28
Next page