NL
Topic
De jurisprudentie en zijn grondbeginsels
288 hadiths
Jurisprudentie van aanbiddingen
231
Jurisprudentie van handelingen
17
Jurisprudentie van het gezin
24
Geneeskunde, genezing en legitieme geestelijke genezing
9
Voedsel en dranken
5
Misdaden
1
Straffen
4
Grondslagen van de jurisprudentie
4
288 hadiths
Aboe Sa'īd Al-Khudri (moge Allah tevreden zijn hem) rapporteerde: De Boodschapper van Allah (moge Allah Zijn vrede en zegeningen op hem zijn) zei: "O Aboe Sa'id, wie tevreden is met Allah als zijn Heer, met de Islam als zijn religie en met Mohammad als zijn profeet, voor hem is het paradijs verplicht", Aboe Sa'id was verwonderd en zei: "Herhaal dat voor mij, o Boodschapper van Allah." Dit deed hij en vervolgens zei hij: "En er is nog een andere waarmee de dienaar honderd graden in het paradijs wordt verhoogd, waarbij de afstand tussen elke twee graden is zoals de afstand tussen de hemel en de aarde." Hij vroeg: "En wat is dat, o Boodschapper van Allah?" Hij antwoordde: "Djihad in de weg van Allah, djihad in de weg van Allah."
Overgeleverd door Moeslim
Aboe Qatada (moge Allah tevreden met hem zijn) wordt overgeleverd dat hij een schuldenaar zocht, die zich voor hem verborgen hield. Nadat hij hem had gevonden, zei de schuldenaar: "Ik verkeer in financiële moeilijkheden." Aboe Qatada vroeg: "Zweer bij Allah?" De schuldenaar zei: "Ik zweer bij Allah." Waarop Aboe Qatada zei: "Ik heb de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zeggen horen: "Wil je verlost worden van de zorgen op de Dag des Oordeels? Help dan iemand die het financieel moeilijk heeft of door zijn schuld kwijt te schelden."
Overgeleverd door Moeslim
Abu Hurairah (moge Allah tevreden met hem zijn) zei: De Boodschapper van God (moge Allah's gebeden en vrede met hem zijn) zei: "Wie Ramadan vast, uit geloof en in het nastreven van beloning, zijn vroegere zonden zullen vergeven worden."
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Abu Hurairah (moge Allah tevreden met hem zijn) zei: De Boodschapper van God, vrede zij met hem, zei: "Wie Qiyām (het nachtgebed) verricht in de Nacht van het lot, uit geloof en in het nastreven van beloning, zijn vroegere zonden zullen vergeven worden."
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
وعن سالم بن عبد الله بن عمر بن الخطاب رضي الله عنهم عن أبيه: أن رسول الله صلى الله عليه وسلم قال: « نِعْمَ الرَّجُلُ عبد الله، لو كان يُصلِّي من الليل» قال سالم: فكان عبد الله بعد ذلك لا يَنامُ من الليل إلا قليلًا.
متفق عليه
Aboe Saʿīd al-Khoedrī zei: Ik hoorde de Boodschapper van Allah zeggen: "Wie een dag vast op het pad van Allah, Allah zal zijn gezicht zeventigduizend herfsten van het Vuur scheiden".
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Op gezag van Sahl ibn Saʿddat dat de Boodschapper van Allah zei: "De mensen blijven in goede staat zolang zij op tijd het breken van het vasten (iftar) in acht nemen."
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Zaid ibn Thabit, moge Allah tevreden met hem zijn, zei: "Wij namen de soehoer met de Profeet (vrede zij met hem) en vervolgens stond hij op voor het gebed. Ik vroeg: 'Hoeveel tijd was er tussen de adhan en het soehoer?' Hij antwoordde: 'Ongeveer vijftig verzen'.
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Aisha, moge Allah tevreden zijn met haar, zei: "De profeet (vrede met hem zijn) zei:" "De Profeet, vrede zij met hem, gebruikte zich terug te trekken (i.e. 'i'tikaf') in de laatste tien dagen van de Ramadan, tot Allah hem deed overlijden. Daarna deden zijn vrouwen hetzelfde na zijn overlijden."
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Anas, moge Allah tevreden zijn met hem, die zei: De profeet, (vrede zij met hem), zei: "Neem de soehoer-maaltijd, want in de soehoer ligt een zegen besloten."
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Jabir ibn ʿAbd Allah (moge Allah tevreden zijn met hen ), zei: “De Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) was op reis toen hij een menigte mensen zag, en onder hen een man die beschutting kreeg. Hij vroeg: ‘'Wat is er aan de hand?'’ Men antwoordde: ‘Het is een reiziger die aan het vasten is.’ Daarop zei hij: '‘Vasten is geen deugd tijdens het reizen.’' In een overlevering van Moeslim zei hij bovendien: ‘'Houdt u vast aan de verlichting die Allah u heeft toegestaan."
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden met hem zijn) heeft overgeleverd dat de Profeet (vrede zij met hem) heeft gezegd: "Begin de maand Ramadan niet voortijdig door één of twee dagen ervoor te vasten, behalve als iemand de gewoonte heeft om op die dagen te vasten; diegene mag dan wel vasten."
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Ibn Omar (moge Allah tevreden zijn met hen) zei: "De Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) heeft de verplichte Zakaat al-Fitr ingesteld als één sâʿ (maat) dadels of één sâʿ gerst, verplicht voor zowel de slaaf als de vrije, de man als de vrouw en voor zowel jong als oud onder de moslims. Hij beval dat deze gegeven zou worden vóórdat de mensen uitgaan naar het gebed."
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden met hem zijn) heeft overgeleverd dat de Profeet (vrede zij met hem) heeft gezegd: "Het is niet toegestaan voor een moslimvrouw om een reisafstand van één nacht af te leggen, tenzij zij vergezeld wordt door een mahram (een man met wie zij een beschermde relatie heeft."
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
عن عائشة وأم سلمة رضي الله عنهما «أن رسول الله صلى الله عليه وسلم كان يُدْرِكُهُ الفجر وهو جُنٌبٌ من أهله، ثم يغتسل ويصوم ».
متفق عليه
Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden met hem zijn) heeft overgeleverd dat de Profeet (vrede zij met hem) heeft gezegd: "Wie vergeet dat hij aan het vasten is en daardoor eet of drinkt, laat hem zijn vasten voortzetten, want het is Allah die hem te eten en te drinken heeft gegeven".
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden over hem zijn) heeft gezegd: Mijn boezemvriend adviseerde mij met drie zaken: het vasten van drie dagen per maand, het verrichten van twee rak'aat voor doeha (vroege ochtendgebed), en het verrichten van een witr-gebed voor het slapengaan.
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Volgens Aisha (moge Allah tevreden met haar zijn) heeft de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) gezegd: "Zoek de Nacht van het Lot (Laylat al-Qadr) in de oneven nachten van de laatste tien dagen van Ramadan."
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
عن عمر بن الخطاب رضي الله عنه قال: قال رسول الله صلى الله عليه وسلم : «إذا أقبل الليل من هَهُنا، وأَدْبَرَالنهار من ههنا، فقد أفطر الصائم».
متفق عليه
Ibn Omar (moge Allah tevreden zijn met hem) rapporteerde: De boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: "Wanneer jullie hem zien (de nieuwe maan), vast dan en wanneer jullie hem (de nieuwe maan) zien, verbreek dan het vasten. Maar als het voor jullie bewolkt is, schat dan de maand in".
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
Overgeleverd door Aboe ah-Hawraa as-Sa'di: Ik zei tegen Hasan ibn Ali (moge Allah tevreden met hen zijn): 'Wat heb je van de boodschapper van Allah (vrede zij met hem) onthouden?' Hij antwoordde: 'Ik heb van de boodschapper van Allah (vrede zij met hem) onthouden: "Laat dat wat twijfelachtig voor je is voor dat wat niet twijfelachtig voor je is, want waarheid brengt gemoedsrust en leugen brengt twijfel".
رواه الترمذي والنسائي وأحمد
Aboe Hoerayrah (moge Allah tevreden zijn met hem ) heeft overgeleverd dat de profeet (vrede zij met hem) heeft gezegd: "Het gebed van een individu in groep (in een moskee) staat twintigtaal treden hoger dan zijn gebed in huis of op de markt, omdat wanneer iemand onder jullie de rituele wassing (woedoe) op de beste manier volbrengt en vervolgens naar de moskee gaat, waar niets anders dan gebed hem aantrekt, en waar hij slechts naar verlangt. Iedere stap die hij zet bij het betreden van de moskee is een stap omhoog in gradatie en een kwijtschelding van zonden. Vanaf het moment dat hij de moskee betreedt, bevindt hij zich in gebed zolang het gebed hem vasthoudt, en de engelen zullen voor een van jullie bidden zolang hij op de plek waar hij bad zit. Ze zullen zeggen: "Oh Allah, schenk hem genade. Oh Allah, vergeef hem. Oh Allah, aanvaard zijn berouw, zolang hij niets beschadigt of verstoort gedurende zijn verblijf".
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim
عن أبي هريرة رضي الله عنه قال: سمعت رسول الله صلى الله عليه وسلم يقول: «ما نهيتكم عنه فاجتنبوه، وما أمرتكم به فأْتُوا منه ما استطعتم، فإنما أَهلَكَ الذين من قبلكم كثرةُ مسائلهم واختلافهم على أنبيائهم».
متفق عليه
عن أبي ذر رضي الله عنه قال: قال النبي صلى الله عليه وسلم :«عُرِضَتْ عَلَيَّ أعمالُ أُمتي، حَسَنُهَا وسَيِّئُهَا فَوَجَدتُ في مَحَاسِنِ أَعْمَالِهَا الأَذَى يُمَاطُ عَنِ الطَّرِيقِ، ووَجَدتُ في مَسَاوِئِ أَعْمَالِهَا النُّخَاعَةُ تَكُونُ في المَسْجِدِ لا تُدْفَنُ».
رواه مسلم
Previous page
Page 4 of 12
Next page